Maatwerkregeling

Maatwerkwoning bouwen in het Brabantse buitengebied: zo werkt de Maatwerkregeling omgevingskwaliteit

Wilt u een woning toevoegen in het buitengebied van Noord-Brabant? Dan loopt u vrijwel altijd aan tegen het uitgangspunt dat er geen nieuwe burgerwoningen in het landelijk gebied bij mogen komen. Toch is er een route die dit wél mogelijk maakt: de Maatwerkregeling omgevingskwaliteit van de provincie Noord-Brabant. In ruil voor een stevige investering in de kwaliteit van het landschap, bijvoorbeeld sloop van leegstaande stallen, mag u een woning bouwen.

Die route is kansrijk, maar ook technisch. U krijgt te maken met artikel 5.14 van de Omgevingsverordening, met paragraaf 7.1 van de Beleidsregel omgevingsrecht, met een provinciale rekenmodule en met een gemeentelijke procedure die meestal via een BOPA-aanvraag (buitenplanse omgevingsplanactiviteit) of een wijziging van het omgevingsplan loopt. In dit artikel leest u precies hoe de regeling in elkaar zit, welke bedragen gelden en waar plannen in de praktijk op stuklopen.

Donkers Advies begeleidt initiatiefnemers, agrariërs en ontwikkelaars in heel Noord-Brabant bij deze aanvragen. Vraag een vrijblijvend haalbaarheidsgesprek aan en u weet binnen een week of uw locatie kansrijk is.

Wat is de Maatwerkregeling omgevingskwaliteit?

De Maatwerkregeling omgevingskwaliteit is de opvolger van de bekende Ruimte-voor-Ruimte-regeling. De basis staat in artikel 5.14 van de Omgevingsverordening Noord-Brabant. Gedeputeerde Staten hebben de regeling verder uitgewerkt in paragraaf 7.1 van de Beleidsregel omgevingsrecht Noord-Brabant (versie 1 juli 2025).

De kerngedachte is een ruil. U levert een fysieke tegenprestatie die de omgevingskwaliteit aantoonbaar versterkt. Denk aan het slopen van verouderde bedrijfsbebouwing, het verwijderen van erfverharding, het afwaarderen van landbouwgrond naar natuur of het intrekken van stikstofrechten. In ruil daarvoor mag u op een passende locatie bouwen in het buitengebied een woning toevoegen. De opbrengst van die bouwkavel financiert de kwaliteitswinst.

Belangrijk om te weten: de provincie benadrukt uitdrukkelijk dat dit geen beëindigingsregeling is voor stoppende agrarische bedrijven. Het is een stimulans om leegstaande en niet meer gebruikte bebouwing daadwerkelijk te slopen, in plaats van te laten verloederen of vol te zetten met niet-volhoudbare vervolgfuncties. Wilt u alleen de bestaande bedrijfswoning zelf omzetten naar een reguliere woning, zonder extra bouwkavel? Lees dan over een functiewijziging in het buitengebied.

Voor wie is de regeling interessant?

De regeling is met name relevant voor:

  • Stoppende agrariërs met veel overtollige bedrijfsbebouwing op het erf
  • Glastuinbouwers die kassen willen saneren buiten een concentratiegebied
  • Eigenaren van niet-agrarische bedrijven in het buitengebied die de bedrijfsfunctie beëindigen
  • Eigenaren van karakteristieke of cultuurhistorische bebouwing die inpandig woningen willen realiseren
  • Ontwikkelaars die een bebouwingsconcentratie of lintbebouwing willen afronden

De vier voorwaarden waaraan uw plan moet voldoen

Artikel 7.1.2 van de beleidsregel noemt vier voorwaarden. Gedeputeerde Staten kunnen meewerken aan het toevoegen van een woning als:

  1. Er een voldoende fysieke tegenprestatie wordt geleverd die qua omvang in verhouding staat tot het woningtype dat u wilt bouwen.
  2. De ingezette maatregelen voldoen aan de uitgangspunten van paragraaf 7.1.
  3. Er sprake is van een passende locatie in de zin van artikel 5.14, vierde lid, van de Omgevingsverordening.
  4. Bij meerdere woningen de ontwikkeling past in de ontwikkelingsrichting van het gebied, met aandacht voor effecten op het landelijk gebied, de woningbouwopgave in stedelijk gebied, bereikbaarheid van voorzieningen en mobiliteit.

Wanneer is er sprake van een passende locatie?

Dit is in de praktijk de meest onderschatte horde. De provincie beschouwt een locatie als passend wanneer:

  • de ontwikkeling in een bebouwingsconcentratie ligt;
  • de ontwikkeling een logische afronding vormt van Stedelijk gebied, Bebouwd gebied of een bebouwingsconcentratie; of
  • de woning inpandig wordt gerealiseerd binnen karakteristieke bebouwing.

Ligt uw slooplocatie solitair in het open landschap, dan kunt u de woning daar dus doorgaans niet bouwen. Wel kunt u de tegenprestatie vaak inzetten op een andere, wél passende locatie. Dat vraagt om een goede locatie-analyse vooraf, en om vroegtijdig overleg met de provincie. Dat overleg is volgens de toelichting bij de beleidsregel altijd nodig.

Hoeveel tegenprestatie moet u leveren? De bedragen per woningtype

Artikel 7.1.6 legt de omvang van de tegenprestatie vast per woningtype. Dit zijn forfaitaire normbedragen, dus niet marktconform:

WoningtypeVereiste tegenprestatie
Vrijstaande woning of twee-onder-één-kapwoning€ 125.000 per wooneenheid
Meerdere woningen in één bouwmassa€ 125.000 per 1.000 m³ bouwvolume
Extra bouwvolume boven 1.000 m³ (bij meer dan twee eenheden)€ 25.000 per 200 m³ of deel daarvan
Wooneenheid in karakteristieke bebouwing (inpandig)ten minste € 62.500, per 1.000 m³ bij meerdere eenheden
Standplaats woonwagen€ 20.000 (binnen bestaand woonwagencentrum: geen tegenprestatie)
Tiny house (maximaal 150 m³)€ 15.000, of € 7.500 bij een tijdelijk tiny house voor maximaal 15 jaar

Het bedrag van € 125.000 is afgeleid van de oude Ruimte-voor-Ruimte-kavel. Bij twee wooneenheden in één bouwmassa geldt 1.000 m³ als absoluut maximum, en een gebouw bestaat uit maximaal twee bouwlagen exclusief kap.

Welke maatregelen tellen mee als tegenprestatie?

Sloop van bedrijfsbebouwing (artikel 7.1.3)

De beleidsregel onderscheidt vier situaties, elk met een eigen drempelwaarde en normbedrag per vierkante meter.

Beëindiging van een agrarisch bedrijf

  • Drempelwaarde: ten minste 1.000 m² bedrijfsgebouw slopen, waarvan de eerste 250 m² opgaat aan de omzetting van bedrijfswoning naar burgerwoning
  • € 45 per m² gesloopt bedrijfsgebouw
  • € 80 per m² gesloopt dierenverblijf, uitsluitend wanneer géén sprake is van een passende locatie
  • € 8,50 per m² verwijderde voorziening (geen gebouw of teeltondersteunende voorziening)

Beëindiging van een glastuinbouwbedrijf

  • Drempelwaarde: ten minste 4.000 m² glasopstand, waarbij de eerste 750 m² glas of 250 m² bedrijfsgebouw opgaat aan de woningomzetting
  • € 17,75 per m² gesloopte kas
  • € 45 per m² gesloopt bedrijfsgebouw
  • € 8,50 per m² verwijderde voorziening

Beëindiging van een niet-agrarisch bedrijf

  • Drempelwaarde: ten minste 750 m² bedrijfsgebouw, waarvan de eerste 250 m² opgaat aan de woningomzetting
  • € 56 per m² gesloopt bedrijfsgebouw
  • € 17,50 per m² verwijderde voorziening

Overige gevallen

  • € 25 per m² sloop van gebouwen
  • € 5 per m² verwijderde verharding en voorzieningen
  • € 5 per m² sloop van kassen

In alle gevallen geldt dat het bouwperceel wordt verkleind naar een bij de woonfunctie passende omvang, en dat de beëindiging en de fysieke maatregelen juridisch geborgd moeten zijn.

Saneren van een milieubelastende activiteit (artikel 7.1.4)

Trekt u de rechten voor een milieubelastende activiteit in, dan kan € 15 per kg N per jaar worden ingebracht. Voorwaarden zijn onder meer dat de N-emissie op de referentiesituatie is gebaseerd en feitelijk gerealiseerd, dat een AERIUS-berekening de depositie op Natura 2000-gebieden aantoont, en dat de intrekking niet al aan een derde is toegezegd. De waarde van dier- of fosfaatrechten telt uitdrukkelijk niet mee.

Overige maatregelen (artikel 7.1.5)

  • Afwaarderen van gronden voor natuur binnen of aansluitend op het Natuur Netwerk Brabant: tot € 8 per m²
  • Extensivering voor doelen uit de Vogel- en Habitatrichtlijn of de Kaderrichtlijn Water: tot € 2,50 per m² bij geborgd behoud als grasland, of tot € 4 per m² bij water- en bodemsysteemherstel met 5% groenblauwe dooradering
  • Aanleg van landschapselementen, mits de kosten inzichtelijk zijn en aanleg en instandhouding juridisch geborgd zijn
  • Behoud of terugbrengen van cultuurhistorische elementen: tot maximaal € 62.500
  • Onderhoud en beheer van beplanting en natuurontwikkeling: maximaal zes jaar
  • Meerkosten asbestsanering: tot € 2 per m² voor asbesthoudende daken en tot € 7,50 per m² voor verspreid aanwezig asbest
  • Aanvoer van grond voor het dempen van mestputten: tot € 5 per m³
  • Inbreng van oude maatwerktitels van de Ontwikkelingsmaatschappij Ruimte voor Ruimte

Daarnaast kan de tegenprestatie onder voorwaarden worden geleverd via een afdracht in een gemeentelijk fonds voor omgevingskwaliteit, mits de bijdrage is gekoppeld aan concrete maatregelen met een realisatietermijn van maximaal vijf jaar.

Let op: dit telt níet mee

Artikel 7.1.2, derde lid, sluit een aantal veelgebruikte posten uit. Dit is waar plannen het vaakst op sneuvelen:

  • maatregelen waarvoor subsidie is verkregen;
  • maatregelen gericht op reguliere, goede landschappelijke inpassing;
  • de boekwaarde of vervangingswaarde van bebouwing;
  • plankosten, leges en advieskosten;
  • het afzien van het oprichten van vergunde bebouwing;
  • sloop van glasopstanden in een glastuinbouwconcentratiegebied;
  • sloop waarvoor al een sloopverplichting geldt vanuit deelname aan een regeling, zoals de Lbv, Lbv+ of de Maatregel Gerichte Opkoop;
  • sloop van een gebouw dat is ingezet voor stalderen;
  • sloop van glasopstanden die zijn ingezet voor de glas-voor-glasregeling.

Vooral dat laatste punt over opkoopregelingen verrast veel initiatiefnemers. Heeft u deelgenomen aan een landelijke beëindigingsregeling, dan is de tegenprestatie in de ogen van de provincie al geleverd en kunt u dezelfde sloop niet nogmaals inzetten voor een woning.

De rekenmodule: onderdeel van uw onderbouwing

Artikel 7.1.7 schrijft voor dat u een rekenmodule invult. De provincie kent drie varianten: beëindiging van een agrarisch bedrijf (inclusief glastuinbouw), beëindiging van een niet-agrarisch bedrijf en overige gevallen.

De ingevulde rekenmodule maakt verplicht onderdeel uit van de onderbouwing van het plan. De berekening moet inzicht geven in de waardering van de fysieke maatregelen en, indien van toepassing, in de afdracht aan een gemeentelijk fonds. Een onvolledig of onjuist ingevulde module is een klassieke reden voor vertraging in het vooroverleg.

Van plan naar vergunning: de BOPA-route

De maatwerkregeling regelt óf een woning mag worden toegevoegd. De gemeente moet dat vervolgens juridisch mogelijk maken. Onder de Omgevingswet zijn er twee routes:

  1. Wijziging van het omgevingsplan. De klassieke route, vergelijkbaar met het oude bestemmingsplan. Deze duurt langer, maar is soms de voorkeursroute van de gemeente bij grotere ontwikkelingen.
  2. Buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Een omgevingsvergunning waarmee de gemeente afwijkt van het omgevingsplan. Veel Brabantse gemeenten hebben een maatwerkwoning in het buitengebied expliciet aangewezen als geval waarvoor een BOPA kan worden verleend. Voor een BOPA geldt in beginsel de reguliere procedure van acht weken, al kiest het bevoegd gezag bij complexe gevallen soms voor de uitgebreide procedure.

In beide gevallen moet u aantonen dat het initiatief voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dat vraagt om een motivering waarin niet alleen de tegenprestatie is uitgewerkt, maar ook milieuaspecten als geur, geluid, luchtkwaliteit, endotoxinen, gewasbeschermingsmiddelen, stikstof, water en verkeer zijn onderbouwd. Bovendien is gelijktijdige besluitvorming over de woning én de tegenprestatie een harde voorwaarde, met uitzondering van de fondsafdracht.

Zoekt u een adviesbureau voor een BOPA in Noord-Brabant? Dat is precies het werk waar Donkers Advies dagelijks mee bezig is.

Hoe Donkers Advies u helpt bij de aanvraag

Een maatwerkaanvraag is geen invuloefening. Het is een samenspel tussen provinciaal beleid, gemeentelijk maatwerk, milieuonderzoek en onderhandeling. Donkers Advies begeleidt het hele traject:

  1. Haalbaarheidstoets. Wij beoordelen of uw locatie kwalificeert als passende locatie, welke bebouwing en voorzieningen kunnen worden ingezet en of er uitsluitingsgronden spelen. U weet snel of doorgaan zinvol is, en desgewenst toetst u de haalbaarheid met een principeverzoek bij de gemeente.
  2. Rekenmodule en tegenprestatie. Wij vullen de provinciale rekenmodule in, optimaliseren de mix van maatregelen en zorgen dat de tegenprestatie aantoonbaar voldoende is voor het gewenste woningtype.
  3. Vooroverleg met gemeente en provincie. Vroegtijdig overleg is volgens de beleidsregel altijd nodig. Wij voeren dat gesprek, kennen de vraagstelling van de provincie en voorkomen dat uw plan halverwege spaak loopt.
  4. Ruimtelijke onderbouwing en milieuonderzoek. Wij stellen de ruimtelijke onderbouwing op voor de BOPA of de omgevingsplanwijziging, inclusief de milieuparagrafen en de afstemming met bijlagen zoals AERIUS-berekeningen.
  5. Juridische borging. Sloop, herbestemming, perceelsverkleining en instandhouding van landschapselementen moeten juridisch geborgd worden. Wij regelen de anterieure overeenkomst, kettingbedingen en planregels.
  6. Begeleiding tot en met het besluit. Van indiening tot besluit, inclusief reactie op zienswijzen en aanvullende vragen van het bevoegd gezag. Meestal loopt dat via een BOPA-aanvraag; wijkt uw plan verder af, dan via een wijziging van het omgevingsplan.

Veelgestelde vragen

Kan ik altijd een woning bouwen op mijn eigen slooplocatie?

Nee. De woning moet op een passende locatie komen: in een bebouwingsconcentratie, als logische afronding van bestaand gebied, of inpandig in karakteristieke bebouwing. Ligt uw erf solitair in het open landschap, dan is een woning ter plaatse meestal niet mogelijk. De tegenprestatie kan dan vaak wel elders worden ingezet.

Hoeveel woningen kan ik via de maatwerkregeling realiseren?

De Omgevingsverordening kent geen harde bovengrens, maar vanaf twaalf woningen is sprake van een stedelijke ontwikkeling en gelden andere instructieregels. Bij meerdere woningen moet u expliciet onderbouwen dat de ontwikkeling past in de ontwikkelingsrichting van het gebied.

Telt landschappelijke inpassing mee als tegenprestatie?

Nee. Een reguliere, goede landschappelijke inpassing is een basisvoorwaarde en geen extra kwaliteitswinst. Alleen maatregelen die daarbovenuit gaan, zoals nieuwe landschapselementen of natuurontwikkeling, tellen mee.

Ik heb deelgenomen aan de Lbv. Kan ik mijn sloop nog inzetten?

In beginsel niet. Bij een sloopverplichting vanuit een regeling is de tegenprestatie al geleverd. Alleen in specifieke gevallen met aantoonbare meerkosten kan een deel worden meegenomen. Laat dit vooraf toetsen.

Hoe lang duurt zo’n traject?

Reken op een vooroverleg van enkele maanden, gevolgd door de formele procedure. Een BOPA kent in beginsel een reguliere procedure van acht weken, een omgevingsplanwijziging duurt aanzienlijk langer. De doorlooptijd wordt in de praktijk vooral bepaald door de kwaliteit van de voorbereiding.

Wat kost begeleiding door een adviesbureau?

Dat hangt af van de omvang en complexiteit. Let op: advieskosten en leges tellen niet mee als fysieke tegenprestatie, dus reken ze apart in uw businesscase. In een haalbaarheidsgesprek geven wij een realistische indicatie.

Deze blog is met zorg samengesteld op basis van de op het moment van publicatie geldende regelgeving. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Voor uw specifieke situatie is altijd een individuele beoordeling nodig.

Donkers Advies

Ruimtelijk adviesbureau gespecialiseerd in de Omgevingswet. Begeleidt particulieren, ondernemers en projectontwikkelaars bij principeverzoeken, OPA, BOPA en wijzigingen van het omgevingsplan.

Vrijblijvend haalbaarheidsgesprek

Overweegt u een maatwerkwoning in het buitengebied van Noord-Brabant? De eerste vraag is altijd of uw locatie en uw tegenprestatie kansrijk zijn. Die vraag beantwoordt Donkers Advies graag voordat u kosten maakt. U ontvangt een heldere eerste inschatting van de kansen, de benodigde tegenprestatie en het te verwachten traject.

Vraag een vrijblijvend adviesgesprek aan

Of bel direct: 06 44 84 87 72

Donkers Advies werkt in heel Noord-Brabant, van de Peel tot West-Brabant en van de Kempen tot het Land van Heusden en Altena.