Het verschil zit hem in twee dingen: is er nú een zorgrelatie, en past de woning binnen de vergunningvrije voorwaarden? Voor een bestaande mantelzorgsituatie is veel mogelijk zonder vergunning. Voor een woning die vooruitloopt op toekomstige zorg, de zogenoemde pré-mantelzorgwoning, gelden andere regels en is doorgaans wél een vergunning nodig.
Deze pagina legt beknopt uit wat een mantelzorgwoning is, wanneer u vergunningvrij mag bouwen, wanneer u een vergunning nodig heeft, wat er gebeurt als de zorg eindigt, en waar u in Noord-Brabant op moet letten. Geschreven vanuit de vergunningpraktijk, zodat u vooraf weet waar u aan toe bent. Blijkt een vergunning nodig, dan stel ik uw OPA- of BOPA-aanvraag op.
Wettelijke stand: 24 juli 2026.
Wat is een mantelzorgwoning?
Een mantelzorgwoning is een zelfstandige wooneenheid in of bij een bestaande woning, bedoeld voor huisvesting in verband met mantelzorg. De wettelijke definitie in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) is precies: huisvesting in of bij een woning van één huishouden van ten hoogste twee personen, van wie ten minste één persoon mantelzorg verleent aan of ontvangt van een bewoner van de woning.
Twee dingen vallen daaraan op. De woning is er voor maximaal twee personen, en er moet een zorgrelatie zijn tussen de mantelzorgwoning en de hoofdwoning. Juridisch is een mantelzorgwoning daarom geen gewone woning maar een tijdelijke oplossing, gekoppeld aan de zorgbehoefte. Zodra die behoefte eindigt, eindigt ook de grondslag voor de woning.
Er zijn verschillende manieren om er een te realiseren: een losse, verplaatsbare unit in de tuin, een aanbouw aan de woning, een verbouwing van een bestaand bijgebouw zoals een garage, of het afsplitsen van een deel van de bestaande woning. Welke vorm u kiest, bepaalt mede welke regels gelden.
Wanneer mag u vergunningvrij bouwen?
Voor een bestaande mantelzorgsituatie is een mantelzorgwoning in veel gevallen vergunningvrij. Zij wordt dan behandeld als een bijbehorend bouwwerk, met een aantal soepeler regels omdat het om mantelzorg gaat. De kernvoorwaarden:
- Er is een aantoonbare zorgrelatie. U kunt dat aantonen met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige, het CIZ of een andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur. Zonder bewijs van de zorgbehoefte is vergunningvrij bouwen niet mogelijk.
- De woning staat in het achtererfgebied. Dat is, kort gezegd, het erf achter de lijn die op één meter achter de voorkant van uw woning loopt. In het voorerf is altijd een vergunning nodig, en bij een hoekperceel geldt dat vaak ook voor het zijerf.
- De woning voldoet aan de oppervlakte- en hoogteregels voor bijbehorende bouwwerken. Daarbij gelden twee versoepelingen ten opzichte van een gewoon bijgebouw: de eis dat een bijgebouw met woonfunctie binnen vier meter van het hoofdgebouw moet staan, vervalt bij mantelzorg, en buiten de bebouwde kom geldt een ruime extra mogelijkheid die hieronder apart wordt behandeld.
De extra ruimte in het buitengebied: 100 m² bovenop de rest
Dit is een mogelijkheid die veel mensen met een perceel in het buitengebied niet kennen, en die de moeite waard is om te benutten. Binnen de bebouwde kom geldt voor bijbehorende bouwwerken een maximum, doorgaans oplopend tot 150 vierkante meter afhankelijk van uw perceel. Buiten de bebouwde kom mag daar bij mantelzorg van worden afgeweken.
De regeling staat in artikel 22.37 van de bruidsschat, het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Kort gezegd: buiten de bebouwde kom mag u een verplaatsbare mantelzorgunit van maximaal 100 vierkante meter plaatsen, en die 100 vierkante meter telt bovenop de oppervlakte aan bijgebouwen die het omgevingsplan al toestaat. De unit gaat dus niet van uw reguliere bouwmogelijkheden af, maar komt erbij. Voor wie in het buitengebied woont, is dat een aanzienlijke ruimte voor een volwaardige, zelfstandige mantelzorgwoning.
Aan deze buitengebiedregeling zitten wel twee harde voorwaarden. De unit moet in zijn geheel of in delen verplaatsbaar zijn, en dat geldt ook voor de eventuele fundering: een vast gefundeerd bouwwerk voldoet niet. En omdat het een tijdelijke voorziening is, moet de unit na beëindiging van de mantelzorg weer worden verwijderd. Een verplaatsbare woonunit of een woonwagenachtige constructie voldoet; een gemetselde aanbouw op een betonnen fundering niet.
Een praktische kanttekening voor grote percelen: door eerst binnen de reguliere bruidsschatruimte te bouwen en de mantelzorgunit daar bovenop te plaatsen, benut u beide mogelijkheden. Laat de precieze berekening voor uw perceel toetsen, want de uitkomst hangt af van de omvang van uw bebouwingsgebied en van wat er al aan bijgebouwen staat.
Twee punten die vaak worden gemist. Vergunningvrij bouwen betekent niet dat u niets hoeft te doen: veel gemeenten hanteren een meldingsplicht, waarbij u de plaatsing meldt en de zorgrelatie aantoont. En ook een vergunningvrije mantelzorgwoning moet voldoen aan de technische bouwregels van het Bbl, over constructie, brandveiligheid en gezondheid. Vergunningvrij slaat op de toestemming vooraf, niet op de bouwtechnische eisen.
Omdat de exacte uitkomst afhangt van uw perceel en uw gemeente, is de vergunningcheck in het Omgevingsloket voor uw specifieke adres altijd de betrouwbaarste toets. Een algemeen artikel kan die niet vervangen.
Wanneer heeft u wél een vergunning nodig?
In een aantal situaties is de vergunningvrije route niet beschikbaar en heeft u een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit nodig. De belangrijkste gevallen:
De pré-mantelzorgwoning. Dit is de meest voorkomende reden, en het punt waar de meeste verwarring ontstaat. Wilt u een wooneenheid realiseren die vooruitloopt op een toekomstige zorgbehoefte, bijvoorbeeld omdat u en uw ouders alvast bij elkaar willen wonen voordat de zorg nodig is, dan is er op dat moment nog geen mantelzorgrelatie. Zonder actuele zorgrelatie voldoet de woning niet aan de vergunningvrije voorwaarden, en is doorgaans een vergunning nodig. Dit type wordt vaak een generatiewoning genoemd.
Omdat de pré-mantelzorgwoning de belangrijkste vergunningplichtige variant is, is het nuttig te weten hoe zo’n traject verloopt. In hoofdlijnen:
Veel gemeenten hebben eigen beleidsregels voor pré-mantelzorg vastgesteld. Die zijn het eerste wat u raadpleegt, want zij bepalen of en onder welke voorwaarden de gemeente meewerkt. Vaak sluiten die beleidsregels aan bij de vergunningvrije mantelzorgregeling: de woning moet aan vergelijkbare eisen voldoen (achtererfgebied, maatvoering, verplaatsbaarheid), maar dan via een vergunning omdat de zorgrelatie nog ontbreekt.
De aanvraag verloopt via het Omgevingsloket. Past de pré-mantelzorgwoning binnen de regels van het omgevingsplan, dan gaat het om een binnenplanse omgevingsplanactiviteit; wijkt zij ervan af, dan is een buitenplanse omgevingsplanactiviteit met een ruimtelijke onderbouwing nodig. Bij twijfel geeft een principeverzoek vooraf uitsluitsel.
De gemeente verbindt aan een pré-mantelzorgvergunning doorgaans een tijdelijk karakter met een terugvaleis. Een veelvoorkomende constructie: zodra er wél sprake is van mantelzorg, gaat de woning over in de reguliere mantelzorgsituatie; ontstaat die zorg niet binnen een bepaalde termijn, bijvoorbeeld tien jaar, dan moeten de woonvoorzieningen worden verwijderd of de unit worden weggehaald. De precieze voorwaarden verschillen per gemeente.
Voor bedrijfswoningen en agrarische woningen geldt bovendien vaak een extra toets: de pré-mantelzorgwoning mag omliggende bedrijven niet belemmeren en moet voldoende afstand houden tot naburige bebouwing. In het buitengebied van Noord-Brabant is dat een reëel aandachtspunt.
Buiten het achtererfgebied. Staat de gewenste plek in het voorerf, of bij een hoekperceel in het zijerf, dan is altijd een vergunning nodig.
Boven de vergunningvrije maatvoering. Wilt u groter bouwen dan de regels toestaan, dan valt het meerdere buiten de vergunningvrije regeling.
Bij bepaalde locaties. Bij een bedrijfswoning, een agrarische woning of een locatie in het buitengebied kan een aanvullende toets nodig zijn, bijvoorbeeld omdat de mantelzorgwoning een naburig bedrijf niet mag belemmeren of omdat er voldoende afstand tot omliggende bebouwing moet zijn.
In deze gevallen dient u de aanvraag in via het Omgevingsloket. Past de mantelzorgwoning binnen de regels van het omgevingsplan, dan gaat het om een binnenplanse omgevingsplanactiviteit (OPA). Wijkt zij daarvan af, dan is een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) nodig, met een ruimtelijke onderbouwing. Twijfelt u of uw plan haalbaar is, dan geeft een principeverzoek vooraf duidelijkheid.
Wat gebeurt er als de mantelzorg eindigt?
Omdat een mantelzorgwoning aan de zorgrelatie is gekoppeld, vervalt de grondslag zodra die relatie eindigt, bijvoorbeeld door herstel, verhuizing of overlijden. Neemt niemand in de mantelzorgwoning of de hoofdwoning de zorg over, dan mag de wooneenheid niet meer als zelfstandige woning worden gebruikt.
Wat u dan moet doen, hangt af van de vorm:
- Een verplaatsbare unit moet worden verwijderd.
- Bij een verbouwing of aanbouw moeten de woonvoorzieningen die de zelfstandige bewoning mogelijk maakten, zoals de keuken en de badkamer, worden verwijderd, waarna het bouwwerk als gewoon bijgebouw kan blijven staan.
Het is verstandig hier bij de start al rekening mee te houden. Wie een mantelzorgwoning wil die na afloop van de zorg als reguliere woning behouden blijft, moet dat via een vergunning en het omgevingsplan regelen; via de vergunningvrije route kan dat niet, want die is naar zijn aard tijdelijk.
Noord-Brabant: let op het buitengebied
Voor de meeste mantelzorgwoningen binnen de bebouwde kom is de landelijke, vergunningvrije regeling leidend en speelt provinciaal beleid geen rol. In het buitengebied ligt dat anders.
Ligt uw perceel in het landelijk gebied, dan kan de Omgevingsverordening Noord-Brabant een rol spelen, zeker als de mantelzorgwoning niet vergunningvrij is en dus een vergunning vereist. Denk aan de afstand tot omliggende veehouderijen, waarbij een nieuwe woning een naburig bedrijf niet in zijn ontwikkelingsruimte mag beperken, en aan de eisen rond landschappelijke inpassing. Een mantelzorgwoning bij een agrarische bedrijfswoning vraagt daardoor vaak meer aandacht dan dezelfde woning in een dorpskern.
Wilt u de mantelzorgwoning op termijn als zelfstandige of reguliere woning behouden, dan komt u in het buitengebied bovendien de provinciale terughoudendheid tegen ten aanzien van nieuwe burgerwoningen. Dat is een reden om dit vooraf goed te laten toetsen.
Veelgestelde vragen
Mag ik zonder vergunning een mantelzorgwoning plaatsen?
Vaak wel, als er een aantoonbare zorgrelatie is, de woning in het achtererfgebied staat en zij binnen de oppervlakte- en hoogteregels voor bijbehorende bouwwerken past. U moet de zorgbehoefte kunnen aantonen met een verklaring van bijvoorbeeld een huisarts of het CIZ. Veel gemeenten vragen daarnaast om een melding.
Wat is het verschil tussen een mantelzorgwoning en een pré-mantelzorgwoning?
Een mantelzorgwoning hoort bij een bestaande zorgrelatie en is onder voorwaarden vergunningvrij. Een pré-mantelzorgwoning loopt vooruit op een toekomstige zorgbehoefte, waarbij er op dat moment nog geen zorgrelatie is. Daardoor voldoet zij niet aan de vergunningvrije voorwaarden en is doorgaans een vergunning nodig. Veel gemeenten hebben hiervoor eigen beleidsregels.
Hoe toon ik de zorgrelatie aan?
Met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige, het CIZ of een andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur. Uit die verklaring moet blijken dat er sprake is van een reële, intensieve zorgbehoefte. Zonder dat bewijs is de vergunningvrije route niet beschikbaar.
Hoe groot mag een mantelzorgwoning zijn?
Dat volgt uit de regels voor bijbehorende bouwwerken en hangt af van uw perceel. Binnen de bebouwde kom geldt de standaardsystematiek voor de oppervlakte, doorgaans tot maximaal 150 vierkante meter. Buiten de bebouwde kom mag u daar bovenop een verplaatsbare mantelzorgunit van maximaal 100 vierkante meter plaatsen. De vergunningcheck in het Omgevingsloket geeft voor uw adres het exacte antwoord.
Klopt het dat ik in het buitengebied 100 m² extra mag bouwen?
Ja. Buiten de bebouwde kom mag u voor mantelzorg een verplaatsbare unit van maximaal 100 vierkante meter plaatsen die niet meetelt in de reguliere oppervlakte aan bijgebouwen die het omgevingsplan toestaat. Die 100 vierkante meter komt er dus bovenop. Voorwaarde is wel dat de unit, inclusief de fundering, in zijn geheel of in delen verplaatsbaar is, en dat zij na afloop van de mantelzorg weer wordt verwijderd. De grondslag staat in artikel 22.37 van de bruidsschat.
Hoe vraag ik een pré-mantelzorgwoning aan?
Via het Omgevingsloket, want een pré-mantelzorgwoning is doorgaans vergunningplichtig. Raadpleeg eerst de beleidsregels van uw gemeente, die bepalen of en onder welke voorwaarden zij meewerkt. Past de woning binnen het omgevingsplan, dan is het een binnenplanse omgevingsplanactiviteit; wijkt zij ervan af, dan een buitenplanse, met een ruimtelijke onderbouwing. De gemeente verbindt er vaak een tijdelijk karakter aan, met de eis dat de voorzieningen worden verwijderd als er binnen een bepaalde termijn geen mantelzorg ontstaat.
Moet de mantelzorgwoning worden verwijderd als de zorg stopt?
De woonfunctie vervalt als de zorgrelatie eindigt en niemand de zorg overneemt. Een verplaatsbare unit moet dan worden verwijderd. Bij een aanbouw of verbouwing moeten de woonvoorzieningen zoals keuken en badkamer worden verwijderd, waarna het bouwwerk als bijgebouw kan blijven staan.
Kan ik een mantelzorgwoning laten staan als gewone woning na de mantelzorg?
Niet via de vergunningvrije route, want die is tijdelijk van aard. Wilt u de wooneenheid na afloop als reguliere woning behouden, dan moet u dat via een omgevingsvergunning en het omgevingsplan regelen. Laat vooraf toetsen of dat op uw locatie haalbaar is, zeker in het buitengebied.
Geldt er iets bijzonders in het buitengebied van Noord-Brabant?
Binnen de bebouwde kom meestal niet; daar is de landelijke regeling leidend. In het buitengebied kan de Omgevingsverordening Noord-Brabant een rol spelen als de woning vergunningplichtig is, met aandacht voor de afstand tot veehouderijen en de landschappelijke inpassing. Een mantelzorgwoning bij een agrarisch bedrijf vraagt daardoor meer voorbereiding.
Heb ik een adviseur nodig voor een mantelzorgwoning?
Voor een eenvoudige, vergunningvrije mantelzorgwoning binnen de bebouwde kom vaak niet; de vergunningcheck en een melding volstaan. Advies is vooral zinvol bij een pré-mantelzorgwoning, bij een locatie in het buitengebied, bij een agrarische of bedrijfswoning, of als u de woning op termijn wilt behouden. In die gevallen bepaalt de juiste route of het plan haalbaar en betaalbaar is.
Conclusie
Een mantelzorgwoning is vaker vergunningvrij dan mensen denken, maar de vergunningvrije route kent duidelijke grenzen. De sleutel is of er nú een aantoonbare zorgrelatie is en of de woning binnen de voorwaarden past: in het achtererfgebied, binnen de maatvoering, met bewijs van de zorgbehoefte. Is dat het geval, dan volstaat meestal een melding.
Op twee punten loont het om vooraf te toetsen. De pré-mantelzorgwoning, die vooruitloopt op toekomstige zorg, is doorgaans wél vergunningplichtig, en dat verrast veel initiatiefnemers. En in het buitengebied van Noord-Brabant kan een vergunningplichtige mantelzorgwoning tegen provinciaal beleid aanlopen. Wie dat vooraf uitzoekt, voorkomt dat een geplaatste unit achteraf moet worden verwijderd. Twijfelt u of uw mantelzorgwoning vergunningplichtig is? Een principeverzoek geeft daar snel duidelijkheid over.
Bronnen
- Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I (begrippen mantelzorg en huisvesting in verband met mantelzorg) (wetten.overheid.nl)
- Bruidsschat, artikelen 22.36 en 22.37 (vergunningvrije mantelzorg en de buitengebiedregeling voor een verplaatsbare unit, onderdeel van het tijdelijke deel omgevingsplan)
- Informatiepunt Leefomgeving: Mantelzorgwoning en Omgevingswet, Bouwregels mantelzorgwoning, Stappenplan vergunningvrij bouwen bijbehorende bouwwerken (iplo.nl)
- Omgevingsverordening Noord-Brabant (brabant.nl)
Wettelijke stand gecontroleerd op 24 juli 2026. De regels voor vergunningvrij bouwen zijn afhankelijk van uw perceel, en gemeenten kunnen eigen beleid voeren over (pré-)mantelzorgwoningen. Er is bovendien een wetsvoorstel in voorbereiding over vergunningvrij bouwen en familiewoningen. Laat uw eigen situatie altijd op de actuele regels toetsen via het Omgevingsloket en zo nodig een adviseur.


